top of page

Robert Merton Middle range theorieën

Robert Merton Middle range theorieën DRAFT 1.0 1 juli 2021 Robert Merton (1910 �?? 2003) was een belangrijke Amerikaanse socioloog. Merton ontwikkelde opmerkelijke concepten, zoals �??onbedoelde gevolgen�?�, de �??referentiegroep�?� en �??rolspanning�?�. Hij is misschien het best bekend voor de termen �??rolmodel�?� en �??self-fulfilling prophecy�?�. Hij had vast een grote bijdrage maar ik ben hem nooit vergeten door zijn inzicht dat in de sociale wetenschap er geen universele wetten bestaan maar dat sociale wetten plaats- en tijdgebonden zijn. Zo heb ik het begrepen. Het is de zogenaamde Middle range theorie. Anderen verwoorden het anders en ingewikkelder. Ze verwijzen naar een ander grootheid Talcott Parsons (1902 �?? 1979). In tegenstelling tot Parsons, die de noodzaak voor sociale wetenschappen benadrukte om een algemene basis te leggen, gaf Merton echter de voorkeur aan meer beperkte, Middle range theorieën. Merton geloofde dat Middle range theorieën de mislukkingen van Grand theorieën omzeilen, die te ver verwijderd zijn van het observeren van sociaal gedrag in een bepaalde sociale omgeving. Grand theory is een concept die door de Amerikaanse socioloog C. Wright Mills is ontwikkeld om te verwijzen naar de vorm van zeer abstracte theorievorming waarin de formele organisatie en rangschikking van concepten prioriteit heeft boven het begrijpen van de sociale realiteit. Volgens Merton begint de theorie van de Middle range te theoretiseren met duidelijk gedefinieerde aspecten van sociale fenomenen, in plaats van met brede, abstracte entiteiten zoals de samenleving als geheel. Theorieën van het Middle range moeten degelijk worden ondersteund door empirische gegevens. Nu zie ik in dat Middle range theorieën onder anderen te maken heeft met reflexiviteit, dat is dat het ontdekken van een sociale regelmaat deze regelmaat verstoort omdat de mens op basis van die kennis anders gaat handelen (in 't Veld, 2010). Ik zie ook iets van postmodernisme van Frissen (Frissen, 1999). Zowel het vertrouwen in de objectieve waarneming als in de algemeen geldigheid van het menselijk oordeels - redeneervermogen heeft de postmoderne mens verloren. Alle waarneming is �??theoriebeladen�?�. Dat wil zeggen dat ieder naar de werkelijkheid kijkt vanuit de eigen levenservaring en levensbeschouwing. De waarneming is niet objectief maar theoriegeladen. Er is dan geen objectieve kennis mogelijk. Niemand kan meer zeggen �??zo is het, zo moet het�?�. Het modernisme wordt verachtelijk als �??funderingsdenken�?� van de hand gewezen. Zo ver ga ik niet. References Frissen, P. (1999). De lege staat. Amsterdam: Uitgeverij Nieuwezijds. in 't Veld, R. (2010). Kennisdemocratie; Opkomend stormtij. Den Haag: Sdu Uitgevers bv. Dr. Miguel Goede

0 views0 comments

コメント


bottom of page